Els Moors wordt Dichter des Vaderlands

Els Moors volgt op Gedichtendag 2018 de Waalse dichteres Laurence Vielle op als Belgische Dichter des Vaderlands.
De Dichter des Vaderlands is een initiatief van Poëziecentrum (Gent), La Maison de la Poésie et de la Langue française (Namen) en de literaire organisatie VONK & Zonen (Antwerpen) in samenwerking met Passa Porta (Brussel). Sinds 2015 ondersteunen ook Maison de la Poésie (Amay), het fiEstival maelstrÖm (Brussel), Poème 2 (Brussel), Midis de la Poésie (Brussel) en Jeugd & Poëzie (Antwerpen) de Dichter des Vaderlands. In 2014 werd Charles Ducal aangesteld als eerste Dichter des Vaderlands. Het initiatief is een navolging van de sinds 2000 bestaande  Nederlandse Dichter des Vaderlands.

Tot de opdracht behoren het schrijven van minimum zes gedichten per jaar; die worden in de drie landstalen ter beschikking gesteld en gepubliceerd op de website van de Dichter des Vaderlands en in diverse media. Om de twee jaar wordt de eretitel overgedragen aan een dichter uit een ander taalgebied van het land. Moors heeft al te kennen gegeven dat ze vooral de band met het literaire veld van het Duitstalige grondgebied (sinds kort officiëel Oost-België) wil aanhalen.

De in het West-Vlaamse Poperinge geboren Els Moors (°1976) verhuisde op haar elfde naar Gent. Ze studeerde Germaanse filologie aan de UGent en vervolgens Tekst en Beeld aan de Rietveld Academie in Amsterdam, waar ze zes jaar bleef wonen (2002-2008). Ze was gastschrijfster in Dubrovnik, schrijfdocente in Arnhem en verbleef geregeld in Berlijn. Uiteindelijk vestigde ze zich in Brussel, waar ze een schrijfatelier oprichtte. Ze werkt ook mee aan het ambitieuze, Europese poëzieproject Versopolis.

Ze publiceerde eerst in het Nederlandse tijdschrift Krakatau en trad op in VPRO-programma’s als Nachtpodium en De Avonden. Ze brak door met het lange gedicht ‘De witte fuckende konijnen’ in Yang, (2004/4). Met haar officieel poëziedebuut Er hangt een hoge lucht boven ons (2006) won ze de Herman de Coninckprijs 2007. Ook haar doortocht op talloze Nederlandse en Vlaamse poëziefestivals bleef niet onopgemerkt. In 2012 vertegenwoordigde Moors zelfs ons land op het Londense poëziefestival Poetry Parnassus, dat in het kielzog van de Olympische zomerspelen werd georganiseerd.
Moors publiceerde ook proza: de onconventionele reisroman Het verlangen naar een eiland (2008) en het lichtvoetiger, maar even absurde Vliegtijd, drie verhalen en een brief (2010). In 2016 verscheen de grootstedelijke roman Taxi in het maaiveld. Ze recenseerde ook literatuur voor o.a. Armada en Deus ex machina, en publiceerde essays en vertalingen in nY.

Moors was na haar studies in Gent actief als freelance journaliste en bekend als ‘nachtburgemeesteres’ in het jongerencafé Video op de Oude Beestenmarkt. Uit die tijd dateren ook columns over het nachtleven in Gent. Moors is ook te horen op het door het Poëziecentrum geïnitieerde poëzieplatform Paukeslag. In 2015 werd haar met de Nederlandse J.C. Bloem-poëzieprijs en de Prijs Letterkunde voor Poëzie van de Provincie West-Vlaanderen bekroonde bundel Liederen van een kapseizend paard (2013) in het Duits gepubliceerd 

Lees hier meer over de Belgische Dichter des Vaderlands.

Een interview met Els Moors en de eerste Dichter des Vaderlands Charles Ducal:
Roderik Six: ‘Poëzie is een vorm van politiek verzet’), in: Knack (27.08.2014), p.80

Hoor Els Moors op het digitaal platform voor levend poëzie-erfgoed Paukeslag:
http://www.paukeslag.org/solr-search?q=moors&facet=74_s:%22Els+Moors%22