terug naar index
Le Magasin littéraire et scientifique

(1884-1898)

Het eerste nummer van het tijdschrift Le Magasin littéraire et scientifique dateert van januari 1884. Aanvankelijk verscheen het driemaandelijks, vanaf 1885 tweemaandelijks, vanaf 1889 maandelijks en vanaf 1898 opnieuw tweemaandelijks.
Le Magasin profileerde zich als een strijdbaar katholiek tijdschrift dat zich onvoorwaardelijk inzette voor “la vérité catholique” en het origineel denken.
De stichters waren intellectuelen uit de Franstalige katholieke Gentse burgerij, geestelijken, politici en advocaten: Raymond de Kerchove (1847-1932), Alfred Kervyn de Volkaersbeke (1855-1922), Gérard Cooreman (1852-1926), Herman de Baets (1856-1922), Léon Janssens de Bisthoven (1859-1938) en Ernest van Calcoen. Deze samenstelling van het stichtend comité weerspiegelde zich in de inhoud van het tijdschrift: er was vrijwel evenredig aandacht voor politiek, wetgeving, wetenschap en literatuur. Alhoewiel priester (en later kanunnik) Hector Hoornaert (1851-1922) en Jean Casier (1860-1897) niet tot de stichters behoorden, zouden zij toch snel, samen met De Baets en Cooreman, de richting van het tijdschrift bepalen. Hoornaert fungeerde bovendien als “geestelijke adviseur”.
Het tijdschrift werd gedrukt en uitgegeven door Alfons Siffer, die tevens redactielid was. Diezelfde Siffer gaf ook Het Belfort uit en in verschillende opzichten kan Le Magasin beschouwd worden als de Franstalige pendant van Het Belfort. Le Magasin had duidelijk internationale aspiraties: in 1890 kreeg het ook een uitgever in Parijs en in 1892 werd een uitgever uit Lyon geëngageerd. De redactie en de administratie bleven echter in Gent.

Nauwe banden werden onderhouden met Le bien public, een ultramontaanse krant. De kunstcritici én de hoofdredacteur van Le bien public Guillaume Verspeyen (1837-1912), werkten ook mee aan Le Magasin. 

Het tijdschrift kende een geleidelijke groei. Meer en meer kon men rekenen op bijdragen van niet-Gentenaren. De meeste medewerkers waren politici of zouden later naam en faam maken als dusdanig (bijvoorbeeld Arthur Verhaegen en Jules Destreé). Maar ook gerenommeerde schrijvers als Léon Bloy en Maurice Maeterlinck bezorgden bijdragen. 

Le Magasin kan in zijn beginjaren beschouwd worden als een vernieuwend katholiek tijdschrift. Ondanks de gepropageerde breeddenkendheid, bleef het, in het artistiek en literair turbulente fin-de-siècle, echter angstvallig vasthouden aan traditie. Inhoudelijk, stilistisch en vormelijk veranderde het nauwelijks. Rond 1890 slaagden De Baets en Hoornaert erin de Brusselse kring La jeune Belgique catholique – die nauwe banden onderhield met de Gentse Cercle catholique – in de redactie te introduceren met Maurice Dullaert, de latere regeringsleider Henri Carton de Wiart en het enfant terrible Firmin van den Bosch. Zij trachtten de idealen van La jeune Belgique ook in katholieke middens uit te dragen en de dogmatische leer naar de achtergrond te schuiven. 

Vanaf 1891 werd de titel van het tijdschrift ingekort tot Le Magasin littéraire, wat alleszins beter zijn lading dekte. Er werd meer aandacht besteed aan literatuurbeschouwing, kritieken, verslagen van literaire bijeenkomsten en scheppend werk, in hoofdzaak poëzie. Al snel moesten de jonge hemelbestormers vaststellen dat ze een nieuw orgaan nodig hadden om in alle vrijheid hun idealen te realiseren. In 1892 werd dan ook een nieuw Gents tijdschrift opgericht, Le Drapeau (zie aldaar), waar wél plaats was voor vernieuwing. Deze “nieuweling” zou in 1893 echter al opgaan in het invloedrijke tijdschrift Durendal.
De oprichting van Le Drapeau was op creatief vlak een zware aderlating voor Le Magasin, maar de zwanenzang zou toch vijf jaar duren. Een jaar na het overlijden Jean Casier, geldschieter, meest productieve medewerker en “chasseur des copies”, hield Le Magasin het voor bekeken.

[Christophe Verbruggen]

Over Le Magasin littéraire et scientifique: