terug naar index
Van Beirs, Pat(rick)

(Gent, 07.09.1954 - ) 

Auteur van jeugdverhalen en -romans die hij samen met Jean-Claude van Rijckeghem schreef. Pat (zoals hij zich noemt) van Beirs studeerde af als vertaler-tolk Engels-Spaans. Hij schreef de Vlaamse stemversies voor een flink aantal Engelstalige animatiefilms. Samen met Jean-Claude van Rijckeghem dubde hij Chicken run, berucht omwille van de verschillende Vlaamse streekdialecten. Sindsdien is Van Beirs een gerenommeerd vertaler van animatiefilms.
Samen met Van Rijckeghem schreef hij twee avonturenverhalen (Duivelsoog in 2001 en De zevende sluier in 2003), en een historische roman (Jonkvrouw in 2005), die alle geheel of gedeeltelijk in Gent gesitueerd zijn. Jonkvrouw werd bekroond met de Thea Beckmanprijs voor de beste historische jeugdroman en met de Boekenleeuw 2006, de Vlaamse prijs voor het beste kinder- of jeugdboek van het voorbije jaar, uitgereikt n.a.v. de jaarlijkse Jeugdboekenweek. 

P. van Beirs en Gent 

Van Beirs werd geboren in de Voskenslaan, in de buurt van De Sterre. In 1968 trokken zij naar de Tuinwijkstraat in Zwijnaarde. Na zijn huwelijk, in 1985, verhuisde hij naar de Achilles Musschestraat. Drie jaar later week hij uit naar Roeselare maar in 1988 keerde hij terug naar de Gentse Voskenslaan.  
Hij liep school in de Maaltebruggestraat en in het Atheneum van de Voskenslaan. Later studeerde hij aan de Provinciale Hogeschool voor Vertalers en Tolken in Gent. 

Als kind bezocht hij met zijn vader regelmatig de Gentse (tweedehands)boekhandels. In een winkeltje vlakbij de Sint-Niklaaskerk kreeg de jonge Patrick leesadvies van niemand minder dan Jean Ray. Deze ontmoetingen zouden hem later inspireren tot het schrijven van de avonturen van Spijker, een 14-jarige Gentse jongen, in de geest van het werk van John Flanders/Jean Ray. Een andere inspiratiebron voor zijn avonturenverhalen komt van zijn overgrootvader Michel Capron die avontuurlijke zakenreizen naar Brazilië ondernam en die bevriend was met Jules Verne. De herinnering aan deze band met het werk van Jules Verne heeft Van Beirs zeker geïnspireerd. 

Na een korte loopbaan als Shakespeare-acteur in Engeland, figureerde hij tijdens de jaren ‘80 in verschillende toneelproducties van het Nederlands Toneel Gent, o.a. Palais de justice; Belgische cirque belge;  Hamlet van Hugo Claus, en in enkele Vlaamse films zoals Hugo Claus’ De Leeuw van Vlaanderen. Hij gaf les Engels en Spaans in het Atheneum aan de Voskenslaan en aan de Bargiekaai. 

Gentse werken 

Duivelsoog en De Zevende Sluier zijn griezelverhalen, geschreven in de stijl van John Flanders en Anthony Horowitz, geliefkoosde auteurs van Van Beirs en Van Rijckeghem. In beide werken staat de veertienjarige Spijker centraal, een onzekere, kwetsbare jongen uit de Gentse arbeidersbuurt de Muide, die liefst met rust gelaten wordt, maar die zich telkens laat meeslepen in gevaarlijke avonturen in het geheimzinnige Gent. De reeks rond Spijker staat garant voor het betere avonturenverhaal. ‘We willen de lezer hetzelfde sfeervolle en avontuurlijke gevoel geven als wij destijds hadden bij het lezen van John Flanders, aldus de auteurs. 

In Duivelsoog vindt Spijker de Gentse ridder Gerard den Duivel op zijn weg: dokwerker Fredje en universiteitsassistent geschiedenis Hans nemen hem, Spijker, mee als hulpje om een diamant te roven uit het graf van Gerard den Duivel. Maar alles loopt anders dan gepland… 

In De zevende sluier voert amateur-archeoloog Jean de Kremer (een hommage aan Jean Ray / John Flanders) diezelfde Spijker mee van Gent over Frans-Vlaanderen naar Oxford en de Canarische eilanden, op zoek naar het levenselixir.  

Hun gezamenlijke historische roman Jonkvrouw werd in 2005 bekroond met de Thea Beckmanprijs voor de beste historische jeugdroman van 2004-2005. De jury noemde het boek ‘een geestige, wervelende schelmenroman, met vaart en merkbaar plezier geschreven’. Jonkvrouw won ook de Boekenleeuw 2006, als 'toonbeeld van wat een historische roman moet zijn en zo vaak niet is: een spannend verhaal dat met vakmanschap wordt verteld, in een geloofwaardig historisch kader, dat de plot niet verplettert maar ondersteunt, en met levensechte personages.'
In Jonkvrouw staat de jonge Margaretha van Male centraal (1350?-1405), dochter en enige erfgenaam van Lodewijk, graaf van Vlaanderen. Margaretha groeit op als een halve jongen die alles doet wat een jonkvrouw niet betaamt: kattenkwaad uithalen, paardrijden als de mannen, schermen en zich verzetten tegen het gearrangeerde huwelijk met een Engelse edelman. Jonkvrouw geeft levendige beschrijvingen van het Vlaanderen in de woelige 14de eeuw. Gent en het Gravensteen, één van de burchten van Margaretha’s vader, zijn het toneel van o.a. steekspelen, feestmaaltijden en het uitbreken van de pest. In 2007 werd hen voor dit boek de Gentse prijs De Kleine Cervantes toegekend.

Het scenario Aanrijding in Moscou dat hij samen met Van Rijckeghem schreef, werd verfilmd door Christophe van Rompaey. De film brengt een ode aan de Gentse deelgemeente Ledeberg, het Gentse taalgebruik en de sfeer van de stad. Hij speelt zich vooral af aan het E3-plein.

[Myriam Verreycken]

Over P. Van Beirs: