terug naar index
Wat is het goed aan ‘t hart

Het gedicht is opgenomen in de Gentse Poëzieroute, bij de ingang van de Universiteitsbibliotheek (Rozier). Van de Woestijne was er professor Nederlandse letterkunde.

Wat is het goed aan ’t hart van zacht verliefd te zijn,
zijn luimen naar een verre’ of naêren lach te meten,
en, te elken avond weêr het kommer-brood gegeten,
weer blij te mogen rijze’ in iedren morgen-schijn,
deed nieuwe liefde-lach het oude leed vergéten.

Ik weet niet wat geluk is; maar uw schoon gelaat
is kalm, en maakt me blijde, en doet mijn leden rillen;
– en ‘k lách, gelijk een kind dat door een water waadt,
en, vreemde vreugde in de oogen, áarzelt in den killen
en ringlend-zilvren vloed die zijne voeten baadt.

Want ik bemin u, vrouw; en zoo mijn dralend schromen
slechts de oogen toé uw tegen-lachen is genaakt:
zoo was ik als een kind dat, geerens-blij gekomen
naar glanz’ge vruchten-pracht in loomende avond-boomen,
beducht om zóoveel schoons, geen enkle vrucht en ráakt.

Uit:

Karel van de Woestijne: Verzamelde gedichten (1978), p. 125



Vind dit boek in de bibliotheek Gent