terug naar index
Achilles Mussche als leraar Nederlands (Normaalschool)

In het weeshuis in de jaren 1930 krijgen de “kulders” weinig of geen kans om te lezen. Zelfs een normaalschoolstudent kan geen boeken kopen. Weesjongen Aksel herinnert zich de inspanningen van Achilles Mussche, zijn leraar Nederlands, om hem aan lectuur te helpen.

Toen ik op de normaalschool kwam, deed ik dan ook niets liever dan in de boekhandels op de Kouter of het Sint- Baafsplein rond te kijken. De hele weg terug naar het kuldershuis moest ik dan rennen, om de verloren tijd weer in te halen. Ik had geen geld om boeken te kopen, maar kijken kon geen kwaad. Het personeel bekeek me wantrouwig. Geen schijn van kans dat ik een boek achterover kon slaan. Dat vervloekte uniform ook altijd.
Op een dag kwam ik er Mussche tegen, mijn leraar Nederlands.
‘Wel, kijk eens aan’, zei die goedgehumeurd. ‘Een leerling van mij die vrijwillig een boek koopt. Het is balsem op mijn ziel, jongen.’
Ik lachte verlegen en schudde spijtig mijn hoofd. ‘Dat zou ik best willen, meneer.’ 
Mussche keek me nieuwsgierig aan. ‘Mmm. De kuldersschool hè?’
Daarna voorzag hij me regelmatig van boeken. Uiteraard ging hij eerst met Peere praten, die zeer wantrouwend stond ten opzichte van lezende kulders. Ledigheid was het hoofdkussen van de duivel, vond Peere en wat hem betreft was lezen een vorm van ledigheid. Geen boek kwam de kuldersschool binnen zonder Peeres toestemming. Het bracht de gedachten maar op hol en kulders met een rijke fantasie kon hij missen als kiespijn.
‘Uiteraard. Uiteraard’,beaamde Mussche ernstig. ‘Maar ik merk een zware achterstand bij mijn pupil. We willen toch niet dat zijn opleiding mislukt omdat hij niet de tijd krijgt om te lezen?’
Peere sloeg de man argwanend gade. Hij zag niet in waarom ik geen goede onderwijzer kon worden zonder al dat lezen. Hijzelf was nooit een groot lezer geweest en dat had niets afgedaan aan zijn pedagogische kwaliteiten. Maar hij zag wel in dat Mussche zich niet zou laten afschepen en dus gaf hij schoorvoetend toe.
‘Op voorwaarde dat ik elk boek controleer dat Aksel wil lezen.’
‘Uiteraard. Uiteraard’, zei Mussche en hij maakte er verder geen woorden aan vuil.

Uit:

Lies Bate: Nestvallers (2008), p. 140-141



Vind dit boek in de bibliotheek Gent